Sorry!
De column van Arjan Neeleman
27 juni 2026 Arjan Neeleman
Het leek mij passend en actueel om deze week eens een meer serieus onderwerp bij de kop te pakken. Een column als deze kan nu eenmaal niet altijd alleen maar gaan over frivole zaken of weinig betekenisvolle kwesties. Dus vandaar.
Historisch nieuws de afgelopen week. Misschien denkt u dat ik het nu over het nieuwe Krimpense college van burgemeester en wethouders wil hebben. Weliswaar lokaal nieuwswaardig maar dat is nu niet meteen waar ik aan dacht. Nou, heel even dan. Samen voor Krimpen en SGP hebben er wel bijna historisch lang over hebben gedaan om het met elkaar eens te worden over een nieuw coalitieakkoord. Het is maar goed dat er niet vier partijen aan tafel hebben gezeten. Dan hadden we mogelijk de Kerst niet eens gehaald. En hoewel het voor Samen voor Krimpen (in ieder geval in de huidige samenstelling) de eerste keer is dat zij in een coalitie zitten is SGP deelname in een Krimpens college nou niet direct uniek te noemen. In de afgelopen 750 jaar is de SGP toch wel zo’n 748 jaar de dominante factor geweest in Krimpen. En de resultaten daarvan beleven we nog elke dag. Ik wens het nieuwe college en de wethouders alle succes maar behoud me het recht voor om het er hier af en toe kritisch over te mogen hebben met u de komende tijd. Daar heeft een coalitie nu eenmaal het volste recht op.
Maar ik dwaal af; terug naar het onderwerp. Historische gebeurtenissen waarom ik het met u over ‘sorry zeggen’ wil hebben. Altijd lastig dat sorry zeggen. Lastig om het te moeten zeggen, maar ook lastig om het te ontvangen. Iedereen herkent dat neem ik aan. Lastig voor mensen en lastig voor regeringen.
Twee dingen vielen mij op. Dingen die om excuses schreeuwen. Om sorry zeggen. Hoe lastig en pijnlijk ook. Sorry is echt een moeilijk woord. De eerste gebeurtenis is het huidige WK voetbal in de VS. Het was niet het voetbal dat mij raakte (dat komt hopelijk later in het toernooi nog wel). Het was een handgeschreven briefje. Achtergelaten in de kleedkamer door het Iraanse elftal na hun poulewedstrijd in Amerika. Zij bedankten voor het onthaal en spraken de wens uit dat er snel vrede komt in de oorlog tussen de VS en Iran. Mooi gebaar! Het meest opvallende waren twee toegevoegde hashtags: #168 en #minab. Zegt het u iets? Het refereert aan het bombardement op de eerste dag van de oorlog toen een meisjesschool werd geraakt en waarbij 168 schoolmeisjes werden vermoord. Hoogstwaarschijnlijk door de VS en hoogstwaarschijnlijk onbedoeld. Een kolossale fout met misselijkmakende gevolgen. Schreeuwt om onderzoek, om erkenning, om verantwoording. Om excuses. Sorry zeggen is wel het allerminste, zou je denken. Maar niets van dat alles. De officiële versie is dat de VS er nog niet van overtuigd is dat het een Amerikaanse aanval was. President en Pentagon proberen het al ruim vier maanden weg te zwijgen. En het Amerikaanse volk kijkt weg. En journalisten kijken weg. Want social media schreeuwt elke 15 minuten om nieuwe aandacht in een door Trump gedirigeerde andere richting. En journalisten volgen dat spoor met dezelfde hardnekkige verbetenheid waarmee vliegen stront volgen. Simpele en doeltreffende deflectie, heet dat. Waar een groot land klein in kan zijn. Te walgelijk voor woorden, maar mijn voorspelling is dat dit nog lang gevolgen gaat krijgen. Iraniërs vergeten niet zo snel. Ik ook (nog) niet trouwens. Ik zeg het u: wordt vervolgd.
Terug naar Nederland. De tweede gebeurtenis. Ook ons land en onze regering zijn goed in het wegkijken en wegzwijgen van historisch onrecht en het leed dat velen daardoor blijft achtervolgen. Denk aan ons slavernijverleden. Maar ook, meer recent, de Molukse kwestie. Nou ja, recent; 75 jaar om meer precies te zijn.
Het feit dat wij onder andere ook in Krimpen een Molukse wijk kennen vindt zijn oorsprong in een geforceerde en ongemakkelijke politieke situatie na de onafhankelijksverklaring in 1949 van wat wij toen nog “Ons Indië” noemden en tegenwoordig kennen als de republiek Indonesië. Door het vrijheidsstreven in Indonesië konden de (vooral Molukse) militairen van het KNIL (Het Koninklijk Nederlands-Indische Leger) niet veilig worden gedemobiliseerd. De Nederlandse regering besloot daarop 12.500 Molukse KNIL militairen en hun gezinnen tijdelijk naar Nederland te halen. In maart 1951 kwamen ze aan per boot in de sneeuw. In Rotterdam en Amsterdam. Vlak voor aankomst werden ze oneervol ontslagen uit militaire dienst. Ontslagen, ontheemd en vooral ten diepste onteerd in een vreemd koud land dat hen kil negeerde en uit schaamte en onmacht parkeerde in voormalig concentratiekampen uit de Tweede Wereldoorlog. Het zou toch maar een paar maanden duren. Dat is nu 75 jaar geleden. Nooit echte erkenning, nooit echte herkenning, nooit eerherstel. Het Nederlandse volk keek weg; journalisten keken weg, want er was nog zoveel ander nieuws. Waar een klein land klein in kan zijn. Een hele zwarte bladzijde in de kroniek der Nederlanden.
Afgelopen zondag werd op de Lloydkade in Rotterdam het Nationaal monument officieel onthuld. Dankzij grote inzet van Molukkers uit onze eigen Krimpense gemeenschap. Dat was heel mooi om te zien. En eindelijk, na 75 jaar, na toenemende druk vanuit de gemeenschap en vanuit een groep burgemeesters van gemeenten met Molukse wijken kwam het hoge woord er eindelijk uit: premier Rob Jetten verontschuldigde zich, namens de Nederlandse regering voor het aangedane leed en de koude kille ontvangst in Nederland. Mooi en ook niks te vroeg. Als oud-wethouder die ook de portefeuille Molukse zaken had ben ik blij dat deze stap is gezet. Zonder erkenning van fouten kun je niet verder met elkaar. Nu kan worden gewerkt aan een betere en vooral gezamenlijke toekomst. Het verleden niet vergeten maar de ogen naar voren gericht. Hoe dat er precies uit gaat zien weten we nog niet, want er komt natuurlijk eerst nog meer onderzoek om de route te bepalen. Om te bezien wat echt nodig is. Meer onderzoek is het eeuwige maïzena van bestuurders. Mijn advies: niet te lang over doen er is al heel veel terug gekeken en er is al veel historisch onderzoek beschikbaar. We weten het wel. Handelen heeft nu prioriteit. Opnieuw: wordt vervolgd.
Ik besef me tegelijkertijd dat het bizarre van dit alles is, dat mijn eigen kinderen niet zouden bestaan zonder deze schrijnende kwestie. Mijn vrouw is Moluks. En zonder het politieke en staatkundige stoethaspelen van de Nederlandse regering in de jaren vijftig en daarna had ik haar waarschijnlijk nooit leren kennen. Hmm, de geschiedenis en de grillige loop der dingen… Tegelijk ook een troostrijke gedachte: uit grote ellende en wanhoop kunnen toch ook mooie dingen voortkomen. Je hoeft niet religieus te zijn om daar hoop en schoonheid in te ontdekken.
Kortom luisteraars: hoopvol verder. Het WK kleurt Amerika oranje. Behalve dan die historische Reflecting Pool in Washington. Die kleurt hardnekkig groen waar het volgens de oranje president eigenlijk blauw moet zijn. Waar een groot land klein in kan zijn.
Beste luisteraars, een fijn weekeinde nog. Ik wens u verkoeling.
