Vriendschap?
De column van Arjan Neeleman
6 juni 2026 Arjan Neeleman
Goedemorgen luisteraars,
Mijn oog viel de afgelopen dagen op verschillende nieuwsberichten die mij aan het denken zetten over het begrip vriendschap. Misschien hebt u die berichten ook gezien of gelezen. Zo niet dan laat ik ze hier even de revue passeren.
De eerste was een bericht begin deze week over Donald Trump. U weet wel: de 45e en 47e president van de VS. Mogelijk ook de laatste en met afstand de allerbeste en meest succesvolle in de geschiedenis van alles en iedereen. Dat vindt hij niet alleen zelf; hij laat ons met regelmaat weten dat de grootste dictators in de wereld het roerend met hem eens zijn en Donald een absolute kanjer vinden. En iedereen die het niet met hem eens is wordt ontslagen en/of vervolgd. Dat kan trouwens iedereen overkomen en is daarmee automatisch democratisch gelegitimeerd in ‘Trump World’. Een dergelijke opstelling leidt tot een grote schare aan vrienden; echte en vermeende. Zijn tot voor kort ogenschijnlijk onwrikbare vriendschap met de Israëlische premier Netanyhu vertoont de laatste tijd op zijn zachtst gezegd scheurtjes. Gedoe over oorlog blijven voeren of een aftocht verzinnen. En zoals vaker bij Trump: je blijft niet makkelijk nog een vrind als je zelf ergens iets anders over vind.
Over oranje gesproken: de uitzwaaiwedstrijd van onze jongens tegen Algerije afgelopen woensdag werd naar verstoord door de Algerijnen. En dat nog wel in de Rotterdamse Kuip! Dat helpt niet alleen onze vriendschap met Algerije niet erg (voorzover die trouwens bestaat, dat weet ik niet zo goed); ook komt het de vriendschap tussen bondscoach en geselecteerde spelers niet ten goede. Het gezicht van Koeman na afloop deed mij vermoeden dat hij nu ook zelf twijfelde aan de wijsheid van zijn eigen selectiebeleid. Ikzelf ben wel blij met dit resultaat: een slechte generale is per slot van rekening de beste opmaat naar een goede eerste voorstelling. En dat kunnen we nog wel 2 eens nodig hebben tegen Japan. Benieuwd hoe dat er de komende weken tijdens het WK uit gaat zien.
En dan hadden we deze week ook nog de soap van die andere Donald, Donald Pols. U weet wel: die voormalig directeur communicatie bij Tata Steel. Oeps wat kan een mens snel en diep vallen. Zo ben je het gevierde boegbeeld van Milieudefensie en besluit je in al je bescheidenheid om jouw unieke talenten en inzichten in dienst van de ‘vermeende’ tegenstander te stellen (in dit geval dan als directeur duurzaamheid en communicatie Tata Steel om de wereld nu eens van binnenuit te veranderen) en dan verkruimelt je wereld in wel heel korte tijd. Er kwam onverwacht boven water dat Donald in zijn jeugd voorzitter is geweest van het ASF (Afrikaner Studentefronte). Een heel fout clubje in Zuid-Afrika. Nogal rechts-extremistisch gezelschap. Onduidelijk blijft of hij er nou geen actieve herinnering meer aan had of dat hij dat actief naar zijn onderbewustzijn heeft proberen te laten verdwijnen, maar het was in zijn gesprekken met Tata Steel niet aan de orde gekomen. Toch barstte de bom deze week. Goede onderzoeksjournalistiek van het NRC of een naar bijproduct van een bedorven vriendschap met het bestuur van Milieudefensie? Wie zal het zeggen? Helemaal onbekend kan het niet zijn want er zijn videobeelden en het verleden van Pols komt voor in de archieven van de Zuidafrikaanse Waarheids- en Verzoeningscommissie (ook online raadpeegbaar). In ieder geval lijkt Tata Steel er niet eerder van hebben geweten (don’t ask, don’t tell?), schrok zich een hoedje en trok subiet de stekker uit de nog verse verbintenis. Bij Milieudefensie keken ze er ook van op. Was niet beklend! Hoewel: de Raad van Toezicht van Milieudefensie bleek het wel te weten! En die mogen ook vertrekken. En wij nu ook. De complete deconfiture van een zelfverklaarde moraalridder. We gaan zien of, zoals vaker blijkt, de shit uit zijn eigen verleden voor Pols toch de mest voor zijn toekomst kan zijn. Donald schaamt zich, naar eigen zeggen, diepe over deze jeugdzonde. Het waren hele foute standpunten. Misschien toch handig om dat wat tijdiger naar buiten te brengen. In ieder geval ook een voorbeeld van vriendschappen die kapot gingen deze week.
Als je er op gaat letten dan staan de media vol van vriendschappen en vriendschappelijke relaties die onder druk staan of kapot zijn. Denk maar aan Esmah Lahlah en de Tweede Kamerfractie van GroenLinks-PvdA. 3 Afijn, zo maar een paar voorbeelden van afgelopen week. De geschiedenis kent heel veel voorbeelden. Je zou er een boek over vol kunnen schrijven. Daar heb ik geen tijd voor, vandaar dat ik het in een column doe.
Is echte vriendschap dan toch een illusie, zoals het Goede Doel ons indertijd heeft voorgehouden? Een pakketje schroot met een dun laagje chroom? Ik hoop het niet, maar het heeft er vaak wel de schijn van. Misschien spreken we wel te snel van een vriendschap. Omdat het misschien taboe is om geen vrienden te hebben. Veel ogenschijnlijk vriendschappelijk gedrag komt eerder voort uit welbegrepen eigenbelang. En dat is geen echte vriendschap want vriendschap is per definitie onbaatzuchtig. Het levert wat op omdat je er niet op uit bent dat het wat moet opleveren. Dat vind ik dan wel weer een mooie gedachte.
Ikzelf heb niet heel veel echte vrienden. Dat is volgens mij ook helemaal niet nodig. En niet te doen. Het smeden van oude vriendschappen kost namelijk heel veel tijd. Volgens Aristoteles is een vriend een enkele ziel die in twee lichamen woont. Vind ik een fijn idee. Die Aristoteles kon het toch mooi zeggen! Volgens een andere filosoof, Friedrich Nietzsche (niet echt het zonnetje in huis trouwens), bestaat vriendschap simpelweg niet; het is doen alsof. Klinkt mij een beetje in de oren als Het Goede Doel avant la lettre. Of misschien leest Henk Westbroek toch ook af en toe een boek.
Hoe dan ook: ik vier morgen de 41e trouwdag met mijn beste vriendinnetje. Dat is voor mij in ieder geval een bewijs dat vriendschap wel degelijk bestaat. Ik wens dat ook u luisteraars toe. En op zijn minst een fijn weekeinde.
