Alles ligt open
De column van Gert Visser
17 oktober 2026 Gert Visser
We maken het allemaal weleens mee. Je stapt in de auto, je hebt een bestemming in gedachten en je denkt: daar rijden we even naartoe. Maar tegenwoordig kun je bijna nergens meer gewoon naartoe rijden! Je hoeft maar om je heen te kijken. Overal lijkt wel iets aan de hand te zijn. De ene weg ligt open, op de andere wordt nieuw asfalt aangebracht. Bruggen zijn toe aan onderhoud, straten worden vernieuwd, dijken versterkt en onder de grond wordt hard gewerkt aan nieuwe kabels om ons elektriciteitsnet te versterken.
En dan hebben we het nog niet eens over de uitbreiding van het wegennet en alle andere werkzaamheden die nodig zijn om Nederland draaiende te houden. Het lijkt soms wel alsof heel Nederland één grote bouwplaats is! En wat zien we overal terug? Gele omleidingsborden, afzettingen, pionnen en verkeersbegeleiders in gele hesjes. Ze zijn inmiddels niet meer weg te denken uit ons straatbeeld. En eerlijk is eerlijk: het is best weleens lastig. Je moet omrijden, staat langer in de file of komt net wat later aan dan gepland. En als je haast hebt, is dat natuurlijk extra vervelend. Dan wil je nog weleens mopperen. Op de omleiding, op de wegafzetting of op die werkzaamheden die maar niet lijken op te schieten.
Maar als we heel even verder kijken dan onze eigen vertraging, zien we ook een andere kant van het verhaal. Want die werkzaamheden worden niet voor niets uitgevoerd. Wegen slijten, bruggen hebben onderhoud nodig en ons elektriciteitsnet moet worden aangepast aan de eisen van deze tijd. Kabels moeten worden vervangen of verzwaard en de infrastructuur moet klaar zijn voor de toekomst. En ja, daarvoor moet de boel soms open. Liever vandaag wat overlast door werkzaamheden, dan morgen problemen omdat we het onderhoud steeds maar hebben uitgesteld.
Maar er is nog iets waar we best wat vaker bij stil mogen staan. Achter al die afzettingen en omleidingen zijn mensen aan het werk. Mensen die vroeg opstaan, materialen klaarzetten, verkeer in goede banen proberen te leiden en ervoor zorgen dat anderen hun werk veilig kunnen doen. Mensen die soms urenlang langs een drukke weg staan, in de regen, in de kou of juist in de brandende zon. En terwijl wij achter het stuur misschien ongeduldig op onze klok kijken, werken zij er voor ons. Soms met gevaarlijk dicht langsrijdend verkeer. Soms met automobilisten die hun frustratie laten blijken. Terwijl ook zij gewoon aan het einde van hun werkdag weer veilig naar huis willen.
Daar mogen we best eens wat meer bij stilstaan. Natuurlijk mogen we overlast vervelend vinden. Natuurlijk mogen we hopen dat werkzaamheden zo snel mogelijk klaar zijn. En natuurlijk mag er best kritisch worden gekeken naar de planning en de manier waarop het allemaal wordt geregeld. Maar laten we ondertussen ook een beetje begrip opbrengen. Voor de maatregelen, voor de omleidingen en vooral voor de mensen die het werk uitvoeren. Volg de borden, houd je aan de snelheid, geef elkaar de ruimte en blijf vriendelijk. Dat kost ons vaak maar een paar minuten, maar dat kan voor iemand anders een wereld van verschil maken.
Want uiteindelijk hebben we allemaal hetzelfde belang: veilige wegen, betrouwbare bruggen, een goed functionerend elektriciteitsnet en een land dat klaar is voor de toekomst. Dus de volgende keer dat je weer eens voor een wegafzetting staat, diep ademhalen, gewoon even geduld opbrengen, of even omrijden en bedenk: het gebeurt allemaal niet voor niets. En zie je iemand in een geel hesje het verkeer regelen? Geef diegene dan eens een vriendelijk knikje of een duim omhoog. Want achter dat gele hesje zit ook gewoon een mens.
We kunnen blijven zeuren over alle wegen die openliggen. Maar we mogen ook waardering hebben voor al die mensen die ervoor zorgen dat we er straks weer veilig overheen kunnen. En daarom zeg ik: begrip voor de overlast, maar vooral respect voor de mensen die er iedere dag aan werken. Die doen het namelijk ook voor ons allemaal!
