Deze website maakt gebruik van cookies. Voor meer informatie: lees ons cookie-beleid of verberg deze melding. ×

Een mombakkes, xxl

De column van Bert van Oosterhout

13 februari 2021 Bert van Oosterhout

Eén ding moet ik Donald Trump nageven: dat vierkante hoofd met die toupet van gevlochten riet is bij uitstek geschikt als carnavalskop. Zo'n mombakkes xxl is een sieraad op menige praalwagen in elke optocht. Maar het mag dit weekend niet zo zijn. Het virus is nog onder ons en het vaccineren schiet niet op. Carnaval – vergeet het maar.

En dat valt niet mee. In tientallen schuren en opslagplaatsen in Brabant en Limburg staan praalwagens te wachten op betere tijden. Bevroren monumenten van creativiteit zijn het. Ontworpen en gebouwd als uitroeptekens bij actuele gebeurtenissen in dorp en stad. Vermanende vingers die de gek steken met bijvoorbeeld landelijke en plaatselijke politici. En dat kan nooit kwaad. Het houdt ze scherp.

Als nou één jaar de ontwerpers en bouwers van carnavalswagens kon inspireren was het wel 2020. Covid-19, pseudo-revolutie in de VS, een overheid die haar burgers als vuil behandelt – het is maar een greep. Heb ik het nog niet eens over de zielepoten onder ons, de ware gelovigen van de ene grote wereldomspannende complottheorie. Kortom, al die leut gaat mijn neus voorbij. En daar word ik niet blij van.

Arbeidsmigranten als we zijn, trokken wij in het verleden steevast naar onze geboortestad – in carnavalstijd bekend als Kielegat. Een enkele keer stonden we blauwbekkend in de sneeuw te wachten op de carnavals- optocht. Want kou en carnaval willen nog wel eens samenvallen. Daarom zochten we 's avonds een goed heenkomen in kroegjes en het toenmalige Congresgebouw.

Daar troffen we onder de vier- tot vijfduizend feestende bezoekers meestal wel een bekend gezicht. Tjerk Westerterp, de toenmalige staatssecretaris die Nederland aan de autogordel bracht, had zo z'n eigen stekkie aan altijd dezelfde bar. Met Hans van Mierlo, mede-oprichter van D'66, nam ik in de latrine – waar een tsunami van pils doorheen kolkte – snel even de laatste politieke nieuwtjes door. Hij wilde niet geciteerd worden.

En iedereen was gelijk, want zo hoort dat met carnaval. Nu ik er over nadenk is dat misschien wel de kern van het bonte gedoe. De Grote Onvoorwaardelijke Gelijkschakeling. Nou ja, tijdelijk dan. Niet overdrijven. Heb ik, geloof ik, zoveel jaar na dato toch nog het vaak besproken geheim van carnaval onthuld. Want een geheim blijft het. En tot nog toe heeft iedereen die probeerde het te ontraadselen, gefaald.

Inmiddels denk ik trouwens dat juist carnaval wel eens heel heilzaam zou kunnen zijn voor wie door corona depressief dreigt te worden. Of wie gebukt gaat onder een burn out. Dan wel overweegt zijn verkering uit te maken. Maar helaas, evenementen met meer dan een handvol bezoekers zijn uit den boze. Dat gaat 'm dus niet worden.

Even nog over dat zogenaamde geheim van carnaval. Allerhande huis-tuin-en-keuken duiders hebben door de jaren heen geprobeerd de ziel van carnaval bloot te leggen. Op verzoek van de Volkskrant deed ooit de schrijver Godfried Bomans een dappere poging. Het werd niks. Hij kon niet uit de voeten met de absurde opwinding om zich heen. Op hun beurt hadden de carnavalisten in het Krabbegat geen boodschap aan hem. Waarom zouden ze ook?

Nu we het toch over gedane zaken hebben – ik ben benieuwd hoe ouders en onderwijzers van basisschool Carrousel in Zevenaar deze keer met het kroost de geneugten van het bonte feest vieren. Ik fris even jullie geheugen op: vorig jaar besloot de oudervereniging daar, korte metten te maken met de naam carnaval. Dat is van oorsprong een roomskatholieke benaming. En daar willen ze niks mee te maken hebben. “Wij zijn een openbare school. Wij hebben geen enkele binding met godsdienst. Daarom heet carnaval bij ons voortaan verkleedfeest.

Leuk, dacht ik indertijd in eerste instantie. De gekkigheid ten top. Typisch carnaval. Het kan niet gek genoeg gaan met dat feest. Maar dat had ik toch verkeerd begrepen. Die oudervereniging en de schoolleiding zijn helemaal niet van de grollen en grappen. Zij meenden het serieus met die bespottelijke naamsverandering.

In mijn onschuld was ik er echt van overtuigd dat we het met het verbieden van de begrippen moorkoppen, jodenkoeken en negerzoenen wel even hadden gehad. Maar nee, in Zevenaar vierden ze gezellig het verkleedfeest. Ze wilden daar tot elke prijs voorkomen dat ze met zo'n katholieke traditie andersdenkenden zouden kwetsen. Ik heb er toen voor gepleit zulke idioterie voortaan te beboeten. Maar de overheid heeft weer eens niet naar me geluisterd. Nog geen prent uitgedeeld.

Indachtig de reactie van Rob van Laar, de voorzitter van de Federatie van Brabantse Carnavalsverenigingen, was ik domweg nieuwsgierig hoe de carnavalsvlag in Zevenaar er nu bijhangt. “Zijn die lui helemaal van de pot gerukt?”, vroeg hij zich indertijd luid en duidelijk af. Goeie vraag. Het antwoord blijven we ook nu nog even schuldig. Want ironisch genoeg worden ouders en onderwijzers in Zevenaar dit jaar gered door het Covid-19 virus.

Beste luisteraars, alle gekheid op een stokje: het sop is de kool niet waard. En het staat die feestneuzen in Zevenaar natuurlijk vrij hun eigen variant van carnaval te verzinnen. Altijd beter dan een variant van corona. Maar het blijft verdacht veel lijken op muggenzifterij. Carnaval heet gewoon carnaval. En wie het niet bevalt blijft toch lekker thuis. Niets makkelijker dan dat, want we mogen toch al niet de deur uit.

Nou, allemaal veel plezier.

We hopen op betere tijden.

Blijf gezond.

13 februari 2021

Bert van Oosterhout